Technologie

Fake news: wat als je bedrijf slachtoffer van nepnieuws wordt.

Manieren om politieke campagnes met nepnieuws te beïnvloeden haalden de afgelopen tijd vaak het nieuws. Denk aan het Cambridge Analytica-schandaal rond de campagne van Trump en de manier waarop kiezers via social media werden beïnvloed om voor de Brexit te stemmen. Maar wist je ook dat steeds meer merken en bedrijven slachtoffer worden van nepnieuws-campagnes? De New York Times schrijft zelfs dat er steeds meer start-ups gespecialiseerd zijn in het verspreiden van desinformatie. We doken in de materie en leggen je uit hoe je ervoor zorgt dat je bedrijf hier geen slachtoffer van wordt.

Clock 4 min

Nooit eerder was er zoveel nepnieuws op het gebied van politiek en het sociale domein. Desinformatie over het coronavirus, de (presidents)verkiezingen, de klimaatcrisis en de Russische inval in Oekraïne overheersten onze (social)mediakanalen. Helaas zijn merken en bedrijven ook steeds vaker slachtoffer van desinformatiecampagnes. Er zit zelfs een verdienmodel achter: Disinformation as a Service (DaaS).

Hoe desinformatie je merk kapot kan maken.

Negatieve aandacht door desinformatie is een groot opkomend probleem waar je als bedrijf alert op moet zijn. Voor je het weet ben je slachtoffer. Sephora weet daar alles van. Dit bedrijf raakte in opspraak vanwege controversiële uitspraken van een influencerpartner. Het merk werd vanuit alle hoeken geboycot. Ook Nike kwam in 2016 onder vuur te liggen toen een Facebook-meme beweerde dat het bedrijf olifantenhuid gebruikte bij de productie van zijn sneakers. En ook Coca-Cola kwam negatief in het nieuws toen een colablikje met de tekst Try to Be Less White viraal ging. Allemaal voorbeelden van nepnieuws, natuurlijk. Maar zodra dit soort nepnieuws de wereld is in, is het kwaad al geschied. De digitale revolutie met snelle wifi en het virale karakter van sociale media maakt het voor kwaadwillenden een stuk makkelijker om merk- en imagoschade aan te richten. Geen enkele bedrijfssector is veilig.

Fake news, nepnieuws en DaaS.

Met het maken en verspreiden van nepnieuws wordt grof geld verdiend. Zoals je weet schieten de laatste jaren de as a Service-businessmodellen als paddenstoelen uit de grond. Zo ben je misschien wel bekend met Software as a Service (SaaS) en Platform as a Service (PaaS). Net als deze modellen is ook Disinformation as a Service (DaaS) een distributiemodel waarmee je tegen betaling toegang krijgt tot centraal gehoste software. Bij DaaS koop je een desinformatiecampagne en huur je hackers in die desinformatie verspreiden om je concurrent te manipuleren of te dwarsbomen. Nepnieuws of desinformatie komt in vele vormen: een nieuwsbericht op het internet, een video op sociale media of een advertentie.

Desinformatie als verdienmodel.

Aanbieders van desinformatiediensten gebruiken verschillende middelen om hun nep-informatie te verspreiden. Tegen betaling publiceren ze neppe nieuwsartikelen, bouwen ze dubieuze websites en pagina’s op socialemediaplatforms, maken ze deep-fake video’s en beheren ze nepaccounts om valse berichten te verspreiden en te promoten. Deze bedrijven doen zich voor als echte online- en socialmediamarketingbureaus, zodat hun klanten altijd kunnen beweren zich niet bewust te zijn van kwaadaardige activiteiten. DaaS-makers verdienen aan bedrijven die hun campagnes kopen, maar ook via advertentieclicks: hoe meer mensen op een artikel klikken, hoe meer geld ze binnenhalen.

Nepnieuws verspreidt zich sneller dan echt nieuws.

Het verspreiden van desinformatie is verrassend genoeg niet verboden. Het valt onder de noemer vrijheid van meningsuiting. Waarom DaaS-campagnes zo goed werken, blijkt uit onderzoek van MIT Sloan School of Management. Zij concludeerden dat onwaarheden op Twitter 70% meer kans hebben om geretweet te worden dan de waarheid. Nepnieuws bereikt 1500 mensen ongeveer 6 keer sneller dan echt nieuws. Als desinformatie zich zo snel verspreidt, heeft de waarheid dan nog een kans?

Hoe bescherm je je bedrijf tegen DaaS-campagnes?

Om jezelf te beschermen tegen schadelijke desinformatie is een bredere samenwerking tussen bedrijven, beleidsmakers en andere belanghebbenden essentieel. Met deze 4 basisprincipes ben je goed voorbereid:

1. Identificeer desinformatie en maak het onschadelijk.
Desinformatie verspreid zich razendsnel. Effectieve monitoringsystemen die kunstmatige en menselijke intelligentie combineren, kunnen schadelijke desinformatie identificeren voordat deze viraal gaan. Zoals de DeepDetector van DuckDuckGoose die ondernemers helpt fraude via deepfakes te herkennen. Bedrijven kunnen zo sneller stappen ondernemen, voordat de informatie op grote schaal wordt verspreid.

2. Herken desinformatie door deze vragen te stellen.

  • Wie is de afzender?
  • Welke intentie heeft de afzender?
  • Welke techniek is gebruikt?
  • Kan je de content verifiëren?
  • Welke bron is gebruikt?

3. Breng deskundigen bij elkaar.
NGO’s, academici, non-profitorganisaties, gespecialiseerde onderzoekers en analisten, maar ook deskundigen uit de particuliere sector: ze hebben allemaal toegang tot gegevens op verschillende platforms en kunnen hierdoor potentieel schadelijke activiteiten snel onder de aandacht brengen.

4. Denk als een trol, hacker of propagandist.
Zo luidt het motto van de Nederlandse startup Adtac, die in de SVDJ Accelerator onderzocht hoe je medewerkers van techbedrijven en overheden leert hoe ze het beste omgaan met desinformatie. Met een digitale simulatie wordt een trollenaanval (denk aan een Twitter-feed) of mediastorm nagebootst. Op basis van het gedrag van de medewerkers maakt Adtac een advies voor bedrijven om zich te wapenen. Want als je criminelen wil vangen, moet je denken als een crimineel.

5. Hou toezicht op sociale media.
Monitor sociale kanalen om desinformatiecampagnes op tijd op te sporen. Speur het internet rond en zoek gericht naar namen van leidinggevenden of diensten van het bedrijf. Dat zijn vaak makkelijke doelwitten. Sommige bedrijven zijn gespecialiseerd in het vroegtijdig signaleren en analyseren van desinformatie. Hun klanten krijgen een duidelijk beeld wat de online discussies zijn en hoe ze daarop moeten reageren. Hebben ze te maken met een volksboycot of iets ernstiger? Is de informatie gecoördineerd? Zit er een buitenlandse entiteit achter en bereikt de informatie hun klanten of niet?

Desinformatie herkennen en tegengaan.

Misleiding is niet nieuw. Het is alleen geraffineerder geworden. Het verspreiden van desinformatie is een verdienmodel geworden. De aanvallen zijn meer gecoördineerd, en de resultaten sneller. Nepnieuws heeft vooral impact als het veel gedeeld wordt. Door desinformatie op tijd te herkennen kan je als bedrijf snel actie ondernemen. Het helpt als je medewerkers redelijk technisch onderlegd zijn, dan kunnen ze de trucs die nodig zijn makkelijker toepassen. Leer ze bijvoorbeeld nagaan van welk IP-adres berichten verzonden worden. Je doet er goed aan om hierin te investeren.

Meer over deepfakes en cybersecurity:

  • Deepfake detectie: hoe Parya Lotfi van DuckDuckGoose een wereld zonder deepfakes nastreeft
  • Real Fake: nep is het nieuwe echt voor Generatie Z en Alpha – en zo speel je daarop in
Beeld: Shutterstock